{"id":9957,"date":"2021-06-15T14:05:32","date_gmt":"2021-06-15T14:05:32","guid":{"rendered":"https:\/\/www.nina.care\/hoe-praat-je-met-kinderen\/"},"modified":"2024-08-07T06:48:31","modified_gmt":"2024-08-07T06:48:31","slug":"hoe-praat-je-met-kinderen","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.nina.care\/nl\/blog\/hoe-praat-je-met-kinderen\/","title":{"rendered":"Hoe praat je met kinderen?"},"content":{"rendered":"\n<p>\u2018Mama is even bezig, kom je zo helpen ja?\u2019 Deze zin doet je meteen denken aan een moeder die tegen een kind praat. Je hoort het overal en doet het waarschijnlijk zelf ook als je tegen een baby of een jong kind praat. Het is ook helemaal niet gek om op deze manier te praten. Toch zou het in een andere situatie niet heel normaal zijn. Stel je voor, je zit op kantoor en je zegt tegen je collega\u2019s: \u201c[je naam] gaat even een plasje doen, ok\u00e9?\u201d Ik garandeer je, je collega\u2019s gaan jou heel bevragend aankijken.<\/p>\n\n\n\n\n\n<figure class=\"wp-block-embed is-type-video is-provider-youtube wp-block-embed-youtube wp-embed-aspect-16-9 wp-has-aspect-ratio\"><div class=\"wp-block-embed__wrapper\">\n<iframe loading=\"lazy\" title=\"Hoe praat je met kinderen? Waarom praten we in de derde persoon tegen kinderen?\" width=\"500\" height=\"281\" src=\"https:\/\/www.youtube.com\/embed\/0rCs-QpVc2A?feature=oembed\" frameborder=\"0\" allow=\"accelerometer; autoplay; clipboard-write; encrypted-media; gyroscope; picture-in-picture; web-share\" referrerpolicy=\"strict-origin-when-cross-origin\" allowfullscreen><\/iframe>\n<\/div><\/figure>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">Waarom praten we in de derde persoon tegen kinderen?<\/h2>\n\n\n\n<p>Je praat gewoonlijk niet in de derde persoon of met een hoog stemmetje, en toch doe je dat automatisch als je tegen jonge kinderen praat. Omdat dit zo normaal is heeft het een term, namelijk: Motherese, Parenthese of Child Directed Speech (CDS). De definitie ervan is heel simpel: het is de spontane manier waarop moeders, vaders en verzorgers tegen baby\u2019s en jonge kinderen praten. Sommige mensen noemen het aanstellerig en overdreven en ergeren zich aan deze manier van praten. Maar het is niet voor niets dat mensen dit doen, je bevordert de taalontwikkeling ermee! Het heeft dus wel degelijk zin om met een hoge stem tegen kinderen te praten.<\/p>\n\n\n\n<h3 class=\"wp-block-heading\">Babypraat heeft drie karaktereigenschappen<\/h3>\n\n\n\n<ol class=\"wp-block-list\">\n<li>Hoge toonhoogte tijdens het praten,<\/li>\n\n\n\n<li>In de derde persoon praten, in plaats van in de eerste en tweede persoon,<\/li>\n\n\n\n<li>Bepaalde woorden versimpeld gebruiken \u2013 denk bijvoorbeeld aan \u2018kiekeboe\u2019 en \u2018plasje doen\u2019.<\/li>\n<\/ol>\n\n\n\n<p>Er zijn al veel onderzoeken gedaan naar waarom het voor kinderen fijner is als je op een hoge toonhoogte praat en men gebruikt versimpelde woorden om het voor kinderen makkelijker te begrijpen te maken. De vraag is waarom we nou in de derde persoon praten tegen kinderen. Is dit van waarde voor hun taalontwikkeling?<\/p>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">Hoe leren kinderen praten?<\/h2>\n\n\n\n<p>Als eerste het taalverwervingsproces, wat houdt dit nou precies in? Een pasgeborene moet van alles <a href=\"https:\/\/www.nina.care\/nl\/blog\/het-leed-dat-sprongetjes-heet\/\" target=\"_blank\" data-type=\"URL\" data-id=\"https:\/\/www.nina.care\/nl\/blog\/het-leed-dat-sprongetjes-heet\/\" rel=\"noreferrer noopener\">ontwikkelen<\/a> en spreken is daarvan \u00e9\u00e9n van de belangrijkste. Het leren van een taal gebeurt tussen de leeftijd van nul tot en met vijf jaar. De gemiddelde vijfjarige kan de taal dus beheersen als volwaardig communicatiemiddel. Een vijfjarige praat echter natuurlijk nog niet zo goed als een doorsnee volwassene.&nbsp; Als je het eindpunt wilt vaststellen op echt correct spreken volgens de regels van de moedertaal dan wordt over het algemeen 9 jaar aangehouden. Dit is natuurlijk geen definitief eindpunt, want elk kind (en volwassene) leert continu nieuwe woorden en elk kind ontwikkelt zich op een eigen tempo.<\/p>\n\n\n<div class=\"wp-block-image\">\n<figure class=\"aligncenter size-medium\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.nina.care\/wp-content\/uploads\/2023\/02\/rodrigo-pereira-GFwzGcv2gqc-unsplash-2-300x300.jpg\" alt=\"Baby in een witte romper die op bed ligt en probeert te praten net als oudere kinderen \" class=\"wp-image-6774\"\/><\/figure>\n<\/div>\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">De fasen van leren van een taal<\/h2>\n\n\n\n<p>In het&nbsp;<em>taalverwervingsproces<\/em>&nbsp;worden een aantal periodes en fasen onderscheidden. Allereerst de pre linguale periode van nul tot \u00e9\u00e9n jaar oud. Deze wordt prelinguaal genoemd, omdat het kind nog geen taal gebruikt in de bekende betekenis. Deze periode gaat vooral om het herkennen van klanken.<\/p>\n\n\n\n<p>Hierna komt de vroeg linguale periode, van \u00e9\u00e9n tot ongeveer twee\u00ebneenhalf jaar oud. Hierin verandert betekenisloos brabbelen in betekenisvol taalgebruik.<\/p>\n\n\n\n<p>Vervolgens de differentiatiefase \u2013 van twee\u00ebneenhalf tot ongeveer vijf jaar oud \u2013, waarin het kind zich als persoon wil differenti\u00ebren van zijn omgeving en het daarom bezig is met het verwerven van \u2018ik\u2019 en \u2018mijn\u2019.<\/p>\n\n\n\n<p>Als laatst komt de voltooiingsfase, die betrekking heeft op kinderen van ongeveer vijf tot negen jaar oud. Vanaf vijf jaar oud zit een kind, meestal, in groep drie, waarin het leert lezen en schrijven. Daarmee worden ook de juiste werkwoords-, meervouds- en vervoegingsvormen enzovoorts aangeleerd.<\/p>\n\n\n\n<p>Deze periode is de afwerking van de taalverwerving, zodat het kind zijn taal vormelijk beheerst zoals een doorsnee volwassene. Het taalverwervingsproces is dus het proces van de taalontwikkeling van een pasgeboren kind tot een kind van ongeveer tien jaar oud.&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p>Lees hier ook meer over de taalontwikkeling en hoe dit bij baby\u2019s gaat:&nbsp;<a href=\"https:\/\/www.nporadio1.nl\/wetenschap-techniek\/3542-waarom-je-tegen-baby-s-kinderachtig-moet-praten\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">https:\/\/www.nporadio1.nl\/wetenschap-techniek\/3542-waarom-je-tegen-baby-s-kinderachtig-moet-praten<\/a><\/p>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">Babypraat door Charles Ferguson<\/h2>\n\n\n\n<p><em>Motherese, o<\/em>ok wel&nbsp;<em>Child\/Infant Directed Speech genoemd, of<\/em>&nbsp;<em>Parenthese zijn allemaal woorden voor babypraat!<\/em>&nbsp;De term refereert naar de spontane manier waarop moeders, vaders en verzorgers tegen baby\u2019s en jonge kinderen praten. In 1964 heeft de Amerikaanse taalkundige Charles A. Ferguson&nbsp;<em>babypraat&nbsp;<\/em>gedefinieerd (Ferguson, C.A. (1964)&nbsp;<em>Baby Talk in Six Languages<\/em>). Het is een welbekende, speciale vorm van spreken die voorkomt in verschillende talen.<\/p>\n\n\n\n<p>Ferguson heeft heel precies onderzoek gedaan naar&nbsp;<em>infant-directed speech (IDS)<\/em>&nbsp;\u2013 in verschillende talen. Vanaf het moment dat dit onderzoek uitgebracht is, is er over de hele wereld uitgebreid onderzoek gedaan met betrekking tot verschillende situaties en contexten. Vooral door onderzoekers die zich interesseerden in het verwerven van taal. Veel onderzoeken hebben aangetoond dat vanaf de geboorte, baby\u2019s een voorkeur geven aan&nbsp;<em>Motherese<\/em>, in plaats van normaal spreken, als het gaat om aandacht trekken van een baby. Sommige onderzoekers geloven dat&nbsp;<em>Motherese<\/em>&nbsp;een belangrijk deel is van het proces voor een goede emotionele band tussen ouder en kind (Shore, Rima. (1997).&nbsp;<em>Rethinking the brain: New insights into early development<\/em>). Uit experimenten blijkt dat pasgeborenen veel meer interesse tonen als ze op hoge tonen en met korte zinnen worden toegesproken. Volgens hoogleraar taalverwerving aan de Universiteit van Leiden Claartje Levelt, verhoogt dat de aandacht en stimuleert dat het leerproces bij de allerkleinsten. Nog meer voorbeelden van kenmerken van&nbsp;<em>Motherese<\/em>&nbsp;zijn het gebruiken van: een overdreven intonatiepatroon, korte en eenvoudige zinnen, veel herhalingen en veel verkleinwoorden.<\/p>\n\n\n\n<p>Het onderzoek van Charles A. Ferguson is hier te vinden:<\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"https:\/\/doi.org\/10.1525\/aa.1964.66.suppl_3.02a00060\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">https:\/\/doi.org\/10.1525\/aa.1964.66.suppl_3.02a00060<\/a><\/p>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">Praten in de derde persoon<\/h2>\n\n\n\n<p>We hebben (vrijwel) allemaal een innerlijke stem die ons begeleidt in het leven. Denk bijvoorbeeld aan een film, waarin iemand (vaak een vrouw) voor de spiegel gaat staan en dan tegen zichzelf zegt: \u201cEmma, je kan dit! Kom op!\u201d. Dit gebeurt ook niet alleen in films, in het echte leven doen mensen dit ook, want je krijgt er motivatie en zelfverzekerdheid van. En het leuke is, het is wetenschappelijk bewezen dat het nog werkt ook! Recent onderzoek toont namelijk aan dat de taal die je gebruikt tijdens het \u2018tegen jezelf praten\u2019 ervoor zorgt dat je meer zelfcontrole krijgt. Vooral als je dan je eigen naam gebruikt, dus in de derde persoon \u2018praat\u2019, in plaats van dat je de eerste persoon, dus \u2018ik\u2019, gebruikt. Het zorgt ervoor dat je meer controle krijgt over je gedachten, gevoelens, en je gedrag wanneer je stress ervaart. Maar hoe gemakkelijk is dit eigenlijk? Emoties reguleren wordt gezien als een proces waar je veel (cognitieve) moeite in moet steken. In een onderzoek gedaan door elf (!!) onderzoekers van verschillende universiteiten in Amerika, komt uit het resultaat de conclusie dat als je de derde persoon gebruikt tijdens het innerlijke tegen jezelf praten, dit een moeiteloze vorm van emotionele controle is wanneer je negatieve gedachten\/gevoelens ervaart. Dat betekent dat je geen moeite hoeft te doen om je emoties te controleren, door simpelweg (in je hoofd) tegen jezelf te praten in de derde persoon. Nooit gedacht dat het zo makkelijk was! Dit resultaat kwam uit de predicatie dat mensen vrijwel alleen namen gebruiken om naar andere mensen te refereren. Dus, er is een verband tussen namen gebruiken en over anderen nadenken. Dat insinueert dat als je tegen jezelf zou praten terwijl je je eigen naam gebruikt, je automatisch jezelf ziet als iemand anders. Je kan ook makkelijker kalm nadenken over andermans emoties, dan over die van jezelf. Dit alles is onderzocht door de hersenactiviteit te meten, terwijl iemand over zichzelf sprak in de derde persoon. Hoe dit precies in z\u2019n werk ging, zal ik jullie besparen want zelf snap ik er ook weinig van (als dit je wel interesseert, klik dan op de volgende link voor het onderzoek: 10.1371\/journal.pone.0078103). Het komt erop neer, dat wanneer de deelnemers aan het onderzoek naar zichzelf refereerden met de eerste persoon, dus \u2018ik\u2019, in bijvoorbeeld stressvolle situaties, ze zich negatief bleven voelen. Terwijl als deelnemers naar zichzelf refereerden met de derde persoon, dus door hun eigen naam te gebruiken, in stressvolle situaties, ze zich veel minder negatief voelden. Maar ja, wat heeft dit nou weer te maken met in de derde persoon praten tegen jonge kinderen? Daar komt snel een antwoord op!<\/p>\n\n\n\n<h3 class=\"wp-block-heading\">Kan angst deels verhelpen<\/h3>\n\n\n\n<p>Andere onderzoeken tonen aan dat het gebruik van de derde persoon voor mensen met sociale angst, deze angst deels kan verhelpen, door het te gebruiken wanneer diegene sociale angst ervaart. Dit komt omdat je dan naar jezelf kan kijken alsof je een ander persoon bent. Hierdoor heb je meer controle over je emoties en gevoelens, wat er weer voor zorgt dat je rustiger tegen stressvolle of negatieve situaties aan kan kijken. De conclusie hiervan is dat je er zelfverzekerder van wordt. Dus als ouders de derde persoon gebruiken, maken ze zich los van de emotionele situatie, waardoor ze hier anders op kunnen reageren. Beter gezegd, het praten in de derde persoon helpt een ouder onzekerheid af te schermen tegenover zijn of haar kind(eren), waardoor ze zelfverzekerder reageren. En niet alleen ouders doen dit, ook oppassers gebruiken het! Ik betrapte mij er zelf ook op laatst. Ik was aan het oppassen op mijn vaste oppasgezin via Nina.care, en mijn 2-jarige oppaskindje en ik deden boodschappen. We waren klaar en ik zei: \u201cJulia gaat even het boodschappenmandje terugleggen, ok\u00e9?\u201d Een minuut later dacht ik, waarom praat ik eigenlijk in de derde persoon? Dat doe ik normaal nooit! Nou hierom dus&#8230;<\/p>\n\n\n\n<h3 class=\"wp-block-heading\">Het is nuttig voor het leren van voornamen<\/h3>\n\n\n\n<p>Een ander aspect van de waarde van in de derde persoon praten tegen kinderen is dat het nuttig is voor jonge kinderen om voornaamwoorden te leren. Kinderen begrijpen vaak het concept van \u2018ik\u2019 en \u2018jij\u2019 nog niet helemaal, dus als je \u2018ik\u2019 gebruikt als ouder, kan het kind naar de ouder gaan verwijzen als \u2018ik\u2019. Dit is natuurlijk niet de bedoeling. Ook is eerder gezegd dat in de differentiatiefase van het taalverwervingsproces, het kind zich wil differenti\u00ebren van de omgeving, en dan het gebruik van \u2018ik\u2019 en \u2018jij\u2019 correct gaat gebruiken. Je kunt dus het beste in de derde persoon praten tegen een jong kind, tot je merkt dat ze het \u2018ik-en-jij-concept\u2019 begrijpen of als ze ineens ook in de derde persoon gaan praten. Dat moeten we natuurlijk niet hebben.<\/p>\n\n\n\n<h3 class=\"wp-block-heading\">Kan helpen bij het identificeren van mensen<\/h3>\n\n\n\n<p>Als laatste kan het ook nog helpen bij het identificeren van mensen in de omgeving van het kind. Al die nieuwe mensen en gezichten zijn niet makkelijk te onthouden voor een jong kind.<\/p>\n\n\n\n<p>Als iedereen naar zichzelf refereert met hun eigen naam (dus in de derde persoon), of \u2018mama\u2019, \u2018papa\u2019, \u2018opa\u2019 of \u2018oma\u2019 enzovoorts, is het voor het kind makkelijker om iedereens naam of aanduiding te onthouden.<\/p>\n\n\n\n<p>En niet alleen ouders gebruiken de derde persoon wanneer ze tegen jonge kinderen praten, ook veel oppassers van Nina.care doen dit (de achtergrond etc. van oppassers, kun je altijd even checken op nannynina.nl)! Veel van hen hebben een pedagogische achtergrond of doen een studie waarbij je met kinderen werkt, en die passen dit ook toe, om zelfverzekerder over te komen. Ook wordt het natuurlijk gebruikt om het kind (of de kinderen) te helpen met hun taalverwerving. Kortom, er zijn alleen maar voordelen van het gebruik van de derde persoon! Als je tegen kinderen praat tenminste&#8230;<\/p>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">Conclusie kinderpraat<\/h2>\n\n\n\n<p>Het antwoord op de vraag: \u2018Wat is de waarde van in de derde persoon praten tegen jonge kinderen (voor hun taalverwerving)?\u2019, is als volgt: het is goed voor hun taalverwerving, omdat ze nog niet het concept van \u2018ik\u2019 en \u2018jij\u2019\u2019 begrijpen. Ook helpt het bij het zelfverzekerd overkomen voor een ouder tegenover een kind. Daarnaast is het lastig voor het kind om alle namen en aanduidingen in zijn of haar omgeving te onthouden, dus naar jezelf verwijzen met je naam of aanduiding (mama of papa) helpt het kind bij onthouden. Ten slotte is het ook nog eens goed voor het controleren van je emoties, want het kost geen moeite! Dus als je weer eens een keer boos bent, omdat je kind je nieuwe behang vol heeft gekladderd met stiften in alle kleuren van de regenboog, praat je gewoon tegen je innerlijke jezelf met je eigen naam, en vervolgens tegen je kind in de derde persoon. Dan kan je eerst je (boze) gevoel controleren en ook nog zelfverzekerd overkomen. Alleen maar pluspunten! Blijf dus vooral de derde persoon gebruiken. (Maar wel alleen bij baby\u2019s en jonge kinderen, want nogmaals, op werk zal je raar aangekeken worden&#8230;)<\/p>\n\n\n\n<h4 class=\"wp-block-heading\">Literatuurlijst<\/h4>\n\n\n\n<p>Ferguson, C.A. Baby talk in six languages. (1964) Center for Applied Linguistics<\/p>\n\n\n\n<p>Moser, J.S. &amp;amp; Doughtery, A. &amp;amp; Mattson, W.I. &amp;amp; Katz, B. &amp;amp; Moran, T.P. &amp;amp; Guevarra, D. &amp;amp; Shablack, H. &amp;amp; Ayduk, O. &amp;amp; Jonides, J. &amp;amp; Berman, M.G. &amp;amp; Kross, E. Third-person self-talk<\/p>\n\n\n\n<p>facilitates emotion regulation without engaging cognitive control: Converging evidence from<\/p>\n\n\n\n<p>ERP and fMRI (2016) Scientific Reports<\/p>\n\n\n\n<p>Moser, J.S. &amp;amp; Doughtery, A. &amp;amp; Mattson, W.I. &amp;amp; Katz, B. &amp;amp; Moran, T.P. &amp;amp; Guevarra, D. &amp;amp; Shablack, H. &amp;amp; Ayduk, O. &amp;amp; Jonides, J. &amp;amp; Berman, M.G. &amp;amp; Kross, E. Self-Talk as a<\/p>\n\n\n\n<p>Regulatory Mechanism: How You Do It Matters (2014). Journal of PErsonality and Social<\/p>\n\n\n\n<p>Psychology<\/p>\n\n\n\n<p>Gillis, S. &amp;amp; Schaerlaekens, A.M. Kindertaalverwerving. Een handboek voor het Nederlands<\/p>\n\n\n\n<p>(2000). Uitgegeven door Martinus Nijhoff uitgevers te Groningen<\/p>\n\n\n\n<p>Schaerlaekens, A.M. De taalontwikkeling van het kind. Een ori\u00ebntatie in het Nederlandstalig onderzoek. (1977) Wolters-Noordhoff, Groningen<\/p>\n\n\n\n<p>Shore, Rima. (1997). Rethinking the brain: New insights into early development<\/p>\n\n\n<div class=\"crp-list-container\"><h3 class=\"crp-list-title\">Gerelateerde berichten<\/h3><ol class=\"crp-list\"><li class=\"crp-list-item crp-list-item-image-above\"><div class=\"crp-list-item-title\"><a href=\"https:\/\/www.nina.care\/nl\/blog\/oppastips-per-leeftijdscategorie\/\">4 oppastips per leeftijdscategorie die je moet weten voordat je gaat oppassen<\/a><\/div><\/li><li class=\"crp-list-item crp-list-item-image-above\"><div class=\"crp-list-item-title\"><a href=\"https:\/\/www.nina.care\/nl\/blog\/een-moeilijk-gesprek-met-het-oppasgezin\/\">Een moeilijk gesprek voeren met de ouders van het oppasgezin<\/a><\/div><\/li><li class=\"crp-list-item crp-list-item-image-above\"><div class=\"crp-list-item-title\"><a href=\"https:\/\/www.nina.care\/nl\/blog\/het-leed-dat-sprongetjes-heet\/\">Het leed dat \u2018sprongetjes\u2019 heet<\/a><\/div><\/li><\/ol><\/div>","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>\u2018Mama is even bezig, kom je zo helpen ja?\u2019 Deze zin doet je meteen denken aan een moeder die tegen een kind praat. Je hoort het overal en doet het waarschijnlijk zelf ook als je tegen een baby of een jong kind praat. Het is ook helemaal niet gek om op deze manier te praten.\u2026<\/p>\n","protected":false},"author":3,"featured_media":9960,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"_acf_changed":false,"inline_featured_image":false,"footnotes":""},"categories":[73],"tags":[],"class_list":["post-9957","post","type-post","status-publish","format-standard","has-post-thumbnail","hentry","category-opvoeding"],"acf":[],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.nina.care\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/9957","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.nina.care\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.nina.care\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.nina.care\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/users\/3"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.nina.care\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=9957"}],"version-history":[{"count":3,"href":"https:\/\/www.nina.care\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/9957\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":2362435,"href":"https:\/\/www.nina.care\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/9957\/revisions\/2362435"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.nina.care\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/media\/9960"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.nina.care\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=9957"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.nina.care\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=9957"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.nina.care\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=9957"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}